image1 image2 image3 image4

Het begon allemaal zo rond 1932

"De Jonge Wacht, afdeling Maasbree(1932, opgeheven 1942)"

De Jonge Wacht

Het was ca.1932, de tijd van werkloosheid en crisis. Nadat een aantal jonge arbeiders een stevige voorvormings cursus van 15 lessen had gevolgd werd in Maasbree de Jonge Wacht opgericht. De verchristelijking van het arbeidsmidden was het voornaamste waarnaar werd gestreefd. Op de dag van de aanneming werd begonnen met het Lof (kerkdienst) daarna werden de nieuwe leden geïnstalleerd, oorkonde en insignes werden overhandigd en men legde de beloftes af om als een goed Jonge Wachter te leven en te handelen. Daarna had er een feestelijk bijeenkomst plaats in de Blokhut aan de Breestraat. Naast toneel en zang en spel werden toespraken gehouden met  mooie leuzen als: ”Wat ge voor de arbeiders doet, doe dat door de arbeiders”.

leidersvorming werd veel zorg en aandacht besteed. Het maandblad “De Jonge Wacht-gids” was een prachtig hulpmiddel. Iedere maand verscheen deze met artikelen over godsdienstvorming, sociale vorming, karaktervorming en ook actiepunten werden niet vergeten.

De Jonge Wacht uit Maasbree was een groep jongeren van 12 tot 15 jaar, die elke zondag onder begeleiding van hun leiding in de blokhut aan de Breestraat groepsbijeenkomsten draaiden. Op hoogtijdagen, zoals de dagen van “Christus Koning”,  maar ook de feestdagen van de patroonheiligen van een patrouille (vendel). Begon de bijeenkomst in de Kerk. De leden van de Jonge Wacht kwamen dan in uniform bij elkaar en gingen na de Hoogmis marcherend naar de blokhut. Daar begon de bijeenkomst met een appél (carré) waarbij onder tromgeroffel de ‘groepsstandaard’ werd gehesen, Kapelaan M. Arts was destijds directeur van de Jonge Wacht in Maasbree.

De bijeenkomsten bestonden hoofdzakelijk uit sport, marcheren en buitenleven, zoals speur- en spoor- tochten, vlag-veroveren balspelen en noem zo maar op. Met name op het gedrag werd goed gelet. Zo moest men de Pastoor, Kapelaan, burgemeester, of het hoofd der school groeten in uniform en de pet of de  hoed afnemen als je deze in het dagelijks leven tegen kwam. Was je dit een keer vergeten, dan werd hieraan op de eerst volgende bijeenkomst aandacht besteed. Dit resulteerde meestal in een extra oefening marcheren en appél. Als nieuwkomer werd er gewerkt aan de ‘eisenkaart’ Dit alles onder het devies; “Voor Christus onzen Koning! God wil het, Amen !” Als je een onderdeel goed had doorlopen kreeg je een aantekening van de directeur en leider. Maar dan pas als ook de ouders toestemming hadden gegeven.

De eisen waaraan je moest voldoen of die je geleerd moest hebben om een goede Jonge Wachter te worden waren:

  1. Gedrag
  2. Wellevendheid
  3. De wet, belofte, signalen, formaties en groet
  4. Inrichting Jeugdvereniging
  5. Dagelijkse gebeden, morgen- en avondgebed, Engel des Heren (Koningin des Hemels)
  6. Drie buitenspelen, drie binnenspelen
  7. Gespaard voor het uniform

Had je aan deze eisen voldaan, dan mocht je van die dag af een uniform dragen.

Doel en ideaal van de Jonge Wacht.

Doelstelling

De jongens van 12 tot 17 jaar, die willen toetreden tot de groepen van de Jonge Wachters, streven er, onder leiding van ouderen, ernstig naar hun leven geheel in dienst te stellen van hun Koning Christus.

Devies

Voor Christus, onzen Koning! God wil het. Amen!

Belofte

Met Gods genade beloof ik Christus als mijn Koning te dienen en naar onze Wet te leven.

De Wet

Een Jonge Wachter       gaat fier op zijn geloof.

Een Jonge Wachter       zoekt zijn kracht in het H. Communie

Een Jonge Wachter       gehoorzaamt aan ouders en overheden

Een Jonge Wachter       is rein, eerlijk en trouw.

Een Jonge Wachter       is spaarzaam, matig en eenvoudig

Een Jonge Wachter       is goed voor iedereen en een voorbeeld voor allen.

Toen in 1940 de Duitsers, Nederland bezet hielden mocht er van de toenmalige machthebber geen georganiseerd jeugdwerk plaatsvinden. Rond 1942 werd daarom de Jonge Wacht opgeheven.